Het officiële MedZine Blog

Achtergrond bij het medisch nieuws

Dan toch maar liever KANS-loos!

Dan toch maar liever KANS-loos!

Door de RSI patiëntenvereniging werd mij onlangs gevraagd een lezing te geven over de multidisciplinaire richtlijn aspecifieke KANS (Klachten Arm Nek en Schouder). Aspecifieke KANS wordt gedefinieerd als niet-traumatische, aan werk of activiteiten gerelateerde pijn, stijfheid tintelingen en/of dove gevoelens, ter hoogte van nek, schouder, bovenrug en/of armen en handen, waarbij specifieke KANS (zenuwbeknelling, ontsteking, pees- en gewrichtsafwijking) is uitgesloten. De pijn is aanvankelijk gerelateerd aan een oorzakelijke activiteit, en moet > 2 weken aanwezig zijn. Later kan het ook optreden bij andere activiteiten én de hele dag aanwezig blijven zonder relatie met een oorzakelijke activiteit. Aspecifieke KANS is een complex probleem dat eigenlijk “tussen alle vakgebieden in” zit. Dit leidt bij zowel behandelaren als patiënten vaak tot frustraties. Behandelingen worden vaak niet goed opgepakt en patiënten voelen zich vaak van het kastje naar de muur gestuurd.

Zeker geen “sexy” aandoening dus. En dat is jammer. Zeker als je de cijfers ziet: KANS komt bij ± 35% van de beroepsbevolking voor per jaar. Meestal zijn het nek en schouder(s), maar vaak ook de hele arm. 30% gaat ermee naar een huisarts en het leidt bij 19% tot ziekteverzuim, waarvan bij 40% enkele weken per jaar maar bij 10% leidt het tot chronisch ziekteverzuim. Aspecifieke KANS is hiermee verantwoordelijk voor 10% van alle verzuim in Nederland! De kosten hiervan zijn niet goed bekend.

Wat men wél weet is dat het risico op aspecifieke KANS toeneemt met het aantal uren muisgebruik per dag, afwijkende hoofd- en lichaamshouding, repeterende arbeid, frequent tillen boven schouderhoogte en > 1 uur dagelijkse blootstelling aan vibraties. De risico’s worden hoger door geringe arbeidsbevrediging, hoge werkeisen, beleving van werkstress en ook door niet-werk gebonden stress en angst voor ernstige aandoeningen. Regelmatig sporten verlaagt het risico.

Behandelingen zijn helaas nauwelijks te bewijzen. De patiëntengroep is pluriform en vaak spelen psychosociale (stress) factoren een rol. Samen met blinderingsproblemen zijn studies daarom nauwelijks goed uitvoerbaar. Alleen verschillende vormen van oefentherapie bleken onomstreden effectief. Massages, manuele therapie, ultrageluidtherapie, spierverslappers, NSAIDs, pijnpoli interventies en TENS zijn helaas nauwelijks tot niet bewezen effectief. Geadviseerd wordt wel een psycholoog in te schakelen als klachten > 6 weken aanhouden en er herstel belemmerende psychosociale factoren aanwezig lijken te zijn. Eventueel kan een multidisciplinaire (revalidatie)behandeling worden overwogen.

Vroeg ergonomisch optimaliseren van de werkplek en het nemen van rustpauzes tijdens computerwerk zijn wel aangetoond effectief en advisering over de werkbelasting helpt bij stimuleren van werkhervatting.

De huisarts of bedrijfsarts zijn de meest geschikte zorgcoördinatoren en kunnen bij uitblijven van herstel doorverwijzen. Het geven van voorlichting is daarbij erg belangrijk. Een patiëntenfolder is integraal opgenomen in de richtlijn. Lees hier de richtlijn.

Ondertussen lijkt het voor patiënten het beste om positief te blijven en te gaan sporten. De meeste klachten zijn daarmee na 6-12 weken weg. Als dat niet zo is, neem dan de regie. Ontken de complexiteit van aspecifieke KANS niet en zoek samen met de huisarts of bedrijfsarts naar de juiste hulpvraag en eventuele multidisciplinaire behandeling. Het blijft altijd “maatwerk”.

Geschreven door: Willem Oerlemans

Ondergetekende is lid van de werkgroep NWP (Ned. Werkgroep Pijn), een subvereniging van Nederlandse Vereniging voor Neurologie. De NWP stelt zich ten doelt om de kennis over chronische pijn bij artsen in opleiding te verbreden.

  • Geplaatst in Blog
  •  Getagged met

Lees hier meer testimonials van HCP-ers en adverteerders

Volg ons